‘t Is voorbij. Wat is de tijd gevlogen…
en niet alleen de tijd! Donderdagochtend 6.30am zijn we opgestegen om zo’n 43 uur en 4 overstappen later te landen op Zaventem.
In de aankomsthal werden de emoties ons even de baas en tussen de tranen door zeiden we dat we nog wel zouden bellen.
Intussen is het zwarte gat gearriveerd, cadeautjes werden uitgedeeld, de rugzak is uitgepakt (en blíj dat de mama was met het piepkleine hoopje wasgoed
), drie maanden post doorgenomen (vooral visa afrekeningen, ahum); rest nu enkel nog de 2554 foto’s en filmpjes – en dat zijn dan nog alleen maar die van mij – te sorteren en te verwerken.
Als afsluiter toch nog een paar verhalen waar ik ginder geen tijd voor heb gehad:
- Even terugzappen naar het vliegveld van Motueka (tussen Nelson en Marahau) waar we de mogelijkheid kregen om een Microlight flight te doen boven het Abel Tasman National Park. Daar moest ik alvast geen twee keer over nadenken! Het was een heldere, warme dag dus de omstandigheden waren perfect. In een superlicht, ultrawendbaar, open vliegtuigje nam de piloot me mee tot 3000 ft. Waanzinnig mooi. Ik herkende de plaatsen waar we gewandeld, geluncht en gekampeerd hadden; we zagen Fischermans Island, Split Apple Rock en Tonga Island; we zagen zelfs een paar stingrays zwemmen! De piloot nam af en toe op aanvraag een duikvlucht die door mij telkens onthaald werd met een overtuigende “whiiiii”. We scheurden over de stranden en spiraalden dan weer naar boven. 35 minuten later stonden we al even snel weer aan de grond als dat we opgestegen waren. Dit was een absolute aanrader!
- De volgende dag hadden we een full day sailing trip geboekt vanuit Marahau. De hele dag zeilen op een catamaran langs de stranden en eilandjes van Abel Tasman. Jammer genoeg was het toen wel betrokken en bleef ook de regen niet uit, maar het was toch de moeite.
Nu heb ik het park te land, ter zee en in de lucht gezien!
- In Franz Josef zijn we een hele dag de gletsjer op geweest. Onder begeleiding weliswaar. Na een korte briefing kregen we eerst ons materiaal uitgedeeld: overbroek, regenjas, schoenen, wollen sokken, muts, handschoenen en crampons (klimijzers voor op het ijs). Eerst een dik halfuur stappen in en langs de rivierbedding tot aan de basis van de gletsjer. Dan opnieuw briefing want we gingen het ijs op! Terwijl wij onze crampons aanprutsten, waren de gidsen volop bezig met hun pikhouwelen om een nieuwe “trap” in het ijs uit te hakken. Waarvoor dank
.
‘t was puffen en zweten naar boven. We zaten in de op-1-na snelste groep dus Ryan, onze gids, hield maar heel af en toe halt. Tegen de middag had iedereen razende honger. Bokes op de rotsen, en toen begon het te regenen. Toch maar de overbroek en regenjas aangetrokken want de gevoelstemperatuur daalde razendsnel door stil te zitten. Ryan nam ons verder mee naar boven, door een aantal smalle spleten en langs diepe gaten met prachtig blauw ijs.
Op een bepaald moment wilden ze met ons iets nieuws proberen. Ze hadden een nieuwe spleet ontdekt die wel eens net breed genoeg zou kunnen zijn om ons door te squeezen. Wij allemaal die spleet in, gesandwicht tussen twee muren van solid ice waar het water van afliep! Heel mooi, maar binnen de kortste keren waren we compleet doorweekt.
En toen kwam het: in groep 1, die vóór ons door de spleet zou gaan, was er een meisje blijven steken en die kon niet meer voor- of achteruit. Van een rampscenario gesproken! We hebben lang moeten blijven afwachten, tot de gidsen uiteindelijk toch maar besloten ons te laten terugkeren. U-turn want er was niet genoeg plaats om elkaar te passeren. Even later bleek dat ze dat meisje er dan toch hadden doorgekregen, en ze hadden een safety rope gehangen, dus opnieuw halve draai voor de tweede poging, maar deze keer moesten we onze rugzakken achterlaten.
Die doorgang bleek toch een goeie 30m lang te zijn, en ‘t was daar inderdaad potverdekke smal! Ik maakte dat ik er doorgeglibberd was, want ik was ondertussen stijfbevroren en had geen zin om te blijven steken. Aan het einde van de doorgang wachtte ons nog een verrassing, een steile klim recht omhoog met behulp van enkel een touw.
Na dat avontuur ging het terug volle gas vooruit om het warm te krijgen. Het regende nog steeds en het werd tijd om aan de afdaling te beginnen.
Beneden gingen we nog even naar de monding van de gletsjerrivier kijken en daar werden we beloond met de oorverdovende crash van gigantische ijsblokken die toevallig net naar beneden stortten. Je ziet ze in slow motion vallen, en het geluid komt dan nog wat later. Machtig!
- In Queenstown was het tijd voor het grof geschut, de Shotover Canyon Swing! Het begint een beetje als een bungee sprong vanop 109m hoogte, met een vrije val van 60m, waarna je in een boog van 200m aan een rotvaart van 150km/u door de canyon zoeft, als op een schommel. Sounds exciting?
In het busje onderweg naar de canyon kregen we een filmpje te zien met de verschillende jumpstyles, een stuk of 10, gaande van “very scary” tot “very, very, very scary”. Moeilijke keuze
.
Ik ging uiteindelijk eerst voor de “Gimp boy goes to Hollywood” waarbij ik ondersteboven moest gaan hangen, recht boven de afgrond. Omdat ik al wat bungeesprongen had gedaan, vond de jumpmaster het in orde. Ik kreeg een veiligheidsharnas rond mijn middel, ze hingen me boven de afgrond, trokken nog een foto, en ik zwierde mijn benen omhoog zodat ik ondersteboven hing met mijn armen naar beneden. Dan moest ik wachten tot de jumpmaster besliste aan de pin trekken, waardoor ik als een pijl naar beneden zou storten. Hij zei nog dat hij zou aftellen, maar voor hij begon had hij me al gelost, haha! Ik zag de grond razendsnel dichterbij komen en voor ik het wist hing ik al heen en weer te swingen in dat prachtige decor. Ik wou sowieso nog eens!
Eerst moesten we alle 7 een keer geweest zijn, en dan mocht je nog eens. Ik wist niet goed wat kiezen, vroeg mijn goede vriend de jumpmaster om raad, en hij stelde voor om “backflips” te doen. Nu moest ik wel zélf springen, én dan nog achterwaarts, én dan nog saltogewijs. Dit vroeg een pak meer moed! Ik geef het eerlijk toe, ik stond daar met knikkende knieën en ik vroeg om af te tellen. Slecht plan want dan beginnen ze te zwanzen en verkeerd te tellen, en daar werd ik alleen maar zenuwachtig van. Dus zei ik: “you know what, I’m just gonna go now, bye” en ik was weg
! 3 salto’s voor ik in de swing terechtkwam, ik had het zelf niet verwacht, en de jumpmaster ook niet: “I thought you were just gonna do 1!”.
Voor herhaling vatbaar!
- Op onze terugweg naar het noorden stopten we in Kaikoura, dé plaats bij uitstek om te gaan whalewatchen. De kust is hier zeer steil, met als groot voordeel dat je dus niet ver hoeft te gaan om in heel diepe wateren terecht te komen.
We hadden een excursie geboekt om 13u. Blauwe lucht, de zon scheen, een aangenaam briesje, perfect dachten wij. Toen we gingen inchecken, zagen we op de tv-schermen aan de balie dat er een “sea sickness warning” gold voor de komende drie excursies. Hmm, verdacht, we wisten niet in hoeverre we daar rekening mee moesten houden, maar het was alleszins toch te laat om iets in te nemen
. Het goeie nieuws was wel dat er op diezelfde schermen aangekondigd stond waar er al walvissen gespot waren die dag en dat de kans dus zeer groot was dat we er gingen zien.
Een korte busrit naar de haven, en daar lag de boot op ons te wachten. We moesten binnen gaan zitten op onze individuele zitplaatsen, en we mochten in principe alleen rechtstaan en buitenkomen als de kapitein het zei. En we merkten al snel waarom! Die golven, niet normaal! De gids die vooraan stond en uitleg gaf door de microfoon, zei al meteen waar “de zakjes” zich bevonden en dat we ons vooral niet moesten generen want ze maken dat daar constant mee. Loop vooral ook niet naar buiten om over de reling te gaan hangen want dan lig je gegarandeerd overboord of erger nog, alles vliegt terug in je gezicht, ni doen dus.
Na die gezellige introductie voelden we ons toch niet zo op ons gemak, we probeerden ons te fixeren op de horizon, maar dat hielp niet. De hoge golven pikten ons op en lieten ons terug vallen, zwiepten ons heen en weer, en het duurde niet lang of de eerste passagiers grepen naar de zakjes die met heelder bundels in de zetels voor ons staken. Gezellige boel ginder!
We hebben wél 3 keer een walvis gezien. Telkens legde de kapitein de boot stil en mochten we naar buiten om te fotograferen en filmen. Zo’n walvis blijft maar een tiental minuten aan de oppervlakte om te ademhalen. Dan duikt hij weer onder en kan je – als je geluk hebt – de fameuze “tail-shot” maken van zijn machtige staart die even uit het water omhoogkomt.
Op het dek in de buitenlucht probeerde iedereen wat op zijn positieven te komen, maar je merkte toch dat meer en meer passagiers naast hun camera ook een zakje vasthadden. Op den duur werd het zo erg, dat ik op een bepaald moment vanop het dek de walvis aan het fotograferen was, en dat zowel de persoon links als rechts van mij met z’n gezicht in een zakje hing! Probeer u dan maar eens te concentreren op de foto!
De gêne was er op het einde helemaal af, en waar in het begin de mensen nog subtiel probeerden te zijn, werd er nu vrij gekotst dat het een lieve lust was. Evi en ik hielden ons sterk, we behoorden tot de immer schaarser wordende niet-kotsers, maar opperbest voelden we ons toch ook niet.
Na 3 laaange uren op de boot, waren we blij dat we weer voet aan wal konden zetten. Er waren passagiers bij die zo wit als een laken, bibberend op hun benen, en met maar liefst 4 zakjes van boord kwamen.. Maaar ze hadden walvissen gezien
.
Hey Tine,
ik kan me voorstellen dat het zwarte gat nu wel erg groot zal zijn voor je. Je bent wel hier maar je geest zal nog wel ver weg rondzweven. Het was duidelijk echt je ding en ik voel dat je een toffe vriendin bij je had om zulk avontuur mee samen te beleven.
Bedankt voor de mooie verhalen en sterkte want dat kan je nu wel effe gebruiken denk ik. Veel plezier met de foto’s die enorm veel sfeer en betekenis voor je zullen hebben. Denk maar : ‘dit kunnen ze me nooit meer afnemen’
Liefs,
Ronny en Martine.
Door:Ronny en Martine op23 januari, 2009
op12:52 pm